Een kop vol corona

Dag allemaal,

Hoe gaat het ermee? Het is al even geleden dat we elkaar nog spraken – hopelijk zijn jullie nog goed gezond.
Hier is alles oké. Ik bedoel, we zijn nog aan het werk, hadden (nog) geen corona, en zijn flink aan de wandel. Geen vijftig kilometer op een dag, ook geen dertig, maar toch. Voor de rest is er natuurlijk altijd wel iets, maar dat zal bij jullie wel niet anders zijn. Zo hebben we de laatste tijd wat problemen met de verwarming. Die doet het té goed, zodat we hier nu al weken zitten bij een temperatuur van 25 graden. Veel werk verzet je dan niet in huis, hoor, bij die hitte. Omdat de firma die vorig jaar de installatie vernieuwde dat probleem maar niet opgelost krijgt, heb ik vanmorgen nog eens geprobeerd hen te bereiken. Maar er liep een antwoordapparaat. Ik heb de band heel beleefd besproken, ben echt kalm en rustig gebleven, en wacht nu op een telefoontje terug.
Gisteren werd ik ermee geconfronteerd dat burgerzin door iedereen anders wordt ingevuld. Valt jullie dat ook zo op? Sommige relaties komen echt wel onder druk te staan. Ik wist niet goed wat ik ermee aan moest, behalve mijn gedacht zeggen. Natuurlijk kreeg ik een heel raar gedacht terug. Toen ik thuis ook nog verontrustende berichten op Facebook las omtrent het ontkennen van de heftigheid van het virus, toen… enfin, het was niet mijn beste dag. Maar daar ga ik nu even niet over uitweiden.
Wat betreft mijn schrijven: bij het begin van de eerste lockdown (oei, nu betrap ik mezelf erop te denken dat een tweede eraan zit te komen), was ik ervan overtuigd mijn boek eindelijk af te krijgen. Al die tijd die ineens vrijkwam, de rust die er heerste in de buurt en op straat, alles wat ik meende nodig te hebben om te schrijven, werkte mee. Dacht ik. Want het is dus niet gelukt. Mijn kop zat en zit vol corona. De feiten zijn spannender dan de fictie waardoor ik me niet op fictie kan concentreren. Ik heb ook weinig fictie gelezen. Straks ken ik mezelf niet meer.
Verder heb ik niet veel te berichten. Of toch, ons tuinhuis met overkapping is af. En de berging en de inkomhal zijn geschilderd. Hier binnen oogt het heel wat frisser allemaal. Alleen jammer dat we zo weinig volk mogen zien. Terwijl dat hier nu heel goed zou kunnen. De woonkamer is groot genoeg en bij 25 graden heb je het niet koud als het raam open staat. Ach ja.
Allez, ik ben echt heel benieuwd hoe het met jullie gaat. Laat maar eens iets weten.

Met warme groet, Ingrid

P.S.: Dinsdagnamiddag ben ik met de buurvrouw wezen wandelen. In weer en wind. Paddenstoelen gespot. Ik zal er een foto bijdoen.

Facebook en Sting

In het begin van dit jaar schreef ik dat ik een beetje genoeg had van alle nieuws dat de hele dag op ons afgevuurd wordt. Ik was oververzadigd en besloot de papieren Aachener Nachrichten niet meer in te kijken, mijn dagelijkse digitale uitgave van De Standaard op te zeggen en een abonnement te nemen op de papieren zaterdageditie. Dat voornemen heb ik ook uitgevoerd. Wat het nieuws betreft, bevalt me dat best. De actuele gebeurtenissen krijg ik zo ook wel  mee.
Wel vond ik het spijtig dat ik bepaalde columnisten niet meer kon volgen. Gelukkig had ik daar al rap iets op gevonden: Facebook. De meeste columnisten verwijzen immers via een link op hun Facebookpagina naar hun teksten. Kranten publiceren er hun pakkendste artikelen en veel journalisten en schrijvers ventileren er hun persoonlijke mening. Facebook biedt echt een schat aan informatie. Ik weet nu ook wie wanneer jarig is, feliciteer meer mensen dan ik ooit heb gedaan en vind heel veel leuk. Natuurlijk post ik ook af en toe zelf een foto, publiceer ik er mijn columns en hoop dat mensen mijn berichten ook liken.
Het probleem is nu dat ik te veel tijd verdoe op Facebook. ´s Ochtends even kijken,  ´s middags iets controleren en ´s avonds nog snel eens gluren. En dat voor een moeder en grootmoeder. Ik vrees dus dat ik een verslaving heb. Een zucht naar schermen. Eerst was ik verslaafd aan de digitale krant, tussendoor aan Candy Crush en nu aan Facebook. En dan mag ik het checken van mijn website en mails nog niet vergeten.

Vandaag las ik (digitaal) dat Sting in Vorst een concert gegeven heeft. Vijfenzestig is hij en naar het schijnt ziet hij er heel patent uit en is zijn conditie prima. Hij haalt nog alle hoge noten. Dat kan ik niet zeggen. Mijn conditie is beneden alle peil. Ik sport veel te weinig. Waarschijnlijk omdat ik zoveel naar die schermen tuur. Verder ben ik uit het koor gegaan. Ik krijg de hoge mi en fa er niet meer uit. Maar Sting doet dan ook aan yoga. Misschien moet ik die app die ik in januari al heb gedownload, Yoga met Evy, toch maar activeren?

Voor de veiligheid

In de krant van vanmorgen lees ik dat België Facebook op de vingers tikt in verband met zijn privacybeleid. Facebook controleert ons surfgedrag en dat vinden wij niet leuk. Als bezitter van een Facebookaccount heb ik daar mijn toestemming voor gegeven, dat weet ik wel, maar het nog eens zwart op wit lezen bezorgt me een beklemmend gevoel. Als ik ook nog aan die online leesclub van Mark Zuckerberg denk, voel ik de slagaders in mijn hals hevig kloppen. Mark is de baas over een sociaal netwerk met meer dan één miljard gebruikers. Wanneer hij op zijn site om de twee weken een boek voorstelt, heeft dat grote gevolgen. Voor de boekenmarkt en voor onze hersenen. Dat kan niet anders. Zijn invloed wordt alsmaar groter en dat maakt me bang.

In een volgend artikel gaat het over een bedrijf dat toestelletjes produceert die het rijgedrag in de auto registreren en online doorspelen aan verzekeringen. De verzekeraar biedt dit apparaatje aan zijn klanten aan en in ruil krijgt de klant een korting op zijn premie. Allemaal in ons eigen belang. Ja, ja, het zal wel.

Ik heb zin de krant weg te gooien. Maar ik lees de krant digitaal en mijn iPad tegen het behang smijten lijkt me niet meteen hét idee van de dag. Ik fop er alleen mezelf maar mee. Dus zucht ik even diep (dat kan ik goed) en met een vastberaden veeg over het scherm sluit ik de krant.

Die controle overal, ik word daar paranoïde van. Overal zie ik Big Brother. Vanuit mijn computer loert hij alle dagen naar mij. Hij zit in de chip van mijn bankkaart. Via camera´s en allerhande toestellen weet hij waar ik ben en wat ik doe. Zogezegd voor mijn veiligheid en mijn materiële en geestelijke welzijn. Ondertussen pluist hij mijn hele gedrag uit en gebruikt de informatie om me te manipuleren.

Er komt reclame voor Anna voorbij. Ongevraagd, hier op mijn scherm. Wat denken ze wel. Anna komt hier niet in huis. Geen sprake van. Want Anna, die slimme thermostaat, dat is vast het zusje van Big Brother.

Motorbike-babe

Zwierig zwaai ik mijn rechterbeen over het zadel van de scooter. Gelukkig ben ik zo slim geweest mijn gele short voor dit weekend op Koh Lanta mee in te pakken.

Mijn zoon en ik vertrekken voor een bezoek aan Old Village en een vlindertuin. Gisteravond heeft hij al zijn overredingskracht gebruikt om mij zo ver te krijgen dat we met een scooter gaan rijden. Zonder vervoermiddel zullen we hier niet ver geraken, zei hij, en het is toch te gek om de hele tijd hier op het resort rond te hangen. Een auto huren voor zo’n korte tijd is te duur en trouwens, die dingen staan hier al voor de deur.

Ik zit nu bij hem achterop. Eerst wou ik niet. Ik vroeg of ik dan mee in de bochten moest gaan hangen en zei er al meteen bij dat ik dat niet kon, dat ik niet zo meegaand ben. Maar dat was niet de juiste vraag, begreep ik uit zijn draaiende ogen. Of ik er misschien liever alleen mee wou rijden? Bij dit links verkeer?

Bij de start klem ik me aan hem vast. Weemoed overvalt me. Waar is de tijd? Nog niet zo lang geleden zat hij bij mij achterop; ging hij waar ik ging. Zomaar ineens zijn de rollen omgekeerd. Ik vlieg op mijn eentje naar Thailand om bij hem te kunnen zijn en nu kruip ik ook nog op een scooter en laat me rijden.

Heel voorzichtig ontwijkt hij alle gaten in de weg en voortdurend kijkt hij in de spiegel. Ik voel me twintig nu en geniet. De kleuren zijn intenser dan bij ons. De hemel heeft werkelijk een hemelsblauwe kleur en ondanks de eeuwig blakende zon zie je alle soorten groen. De wind blaast in ons gezicht en de hitte is niet meer zo allesoverheersend.

Ik heb me goed gedragen, prijst hij me terwijl hij onze selfie op Facebook post. Helemaal niet zo schrikachtig als wanneer ik bij hem in de auto zit. En dat ik op een bepaald moment heb gevraagd of het niet wat sneller kan, daarvan is hij pas echt ondersteboven.

Motorbike Selfie

Hoofse liefde

Is het niet vertederend, die openbare liefdesverklaring van Prins Laurent? Je moet er maar op komen: je liefde, hoogachting én dankbaarheid via een persbericht de wereld in sturen. Hoe bevredigend moet dat zijn voor Prinses Claire, zo verrast worden op haar veertigste verjaardag. Gelukkig weet ze niet dat het moeilijkste nog moet komen. Op je veertigste denk je nog dat de wereld aan je voeten ligt, of op z´n minst ooit zal liggen.

Toch heb ik zo mijn bedenkingen. Wanneer een man in het openbaar zijn liefde betuigt, voel ik soms een plaatsvervangende schaamte. Want meestal heeft die persoon dan iets goed te maken. Of hij staat onder druk van zijn vrouw. Sommige mannen zijn daar gevoelig voor. In dit geval tip ik op het laatste; ik denk namelijk dat Claire thuis de broek aan heeft. Hoe ze een paar jaar geleden op een persconferentie zelf het woord nam, Laurent verdedigde en hem daarna wegleidde, dat zegt genoeg. Misschien wil ze daar nu iets voor terug hebben?

Dan de vorm. Een persbericht! Dat maakt het zo afstandelijk. Is dat niet meer iets voor Koning Filip? Alhoewel, als ik denk aan dat verloren kusje op het balkon… ik zie het hem nog niet doen. Wil Laurent zich geliefd maken bij de bevolking? Is dit zijn idee van werken aan zijn imago? Het is in ieder geval al beter dan tijdens een interview met je eigen vrouw zeggen dat je graag eens in dialoog wil gaan met alle dieren van de wereld. Die intellectuele rijkdom van spreken met een inktvis!

Ach, hij wil het zo graag goed doen. Maar hij had zijn bericht beter op Facebook gepost. Wie weet hoeveel likes hij daar nog had gekregen.