De schuld van de natuur

Mannen begrijpen zoiets niet. Althans de mijne niet. En de man van mijn vriendin, ik noem hem Wee, ook niet. Al meer dan eens hebben ze het er hoofdschuddend over gehad. Maar sinds kort heeft Wee er een theorie over. Die gaat zo: het heeft allemaal te maken met de structuur van onze hersenen. Daar zit onderaan een schil, of een laag, een of ander overblijfsel uit vroeger tijden, van toen de mannen nog gingen jagen en hun vrouwen op zoek gingen naar bessen en zo. De mannen gingen doelgericht af op hun prooi, lieten zich door niets of niemand afleiden en als de prooi binnen was, kwamen ze spoorslags terug naar huis. (Vrij vertaald: ze kunnen maar een ding tegelijk doen, dacht ik toen de theorie uit de doeken werd gedaan, maar ik zei niks.) Ondertussen gingen hun vrouwen op pad om bessen, noten en vruchten te verzamelen. Die moesten ze van alle kanten goed bekijken en op hun rijpheid controleren. En zo dwaalden die vrouwen wel eens af en kwamen naar huis met iets waar ze niet naar op zoek waren gegaan. Het is dus allemaal de schuld van de natuur.
‘Och, ik heb me erbij neergelegd’, schokschouderde Wee afgelopen zaterdagavond. ‘De week na carnaval waren we aan zee en T. wou gaan winkelen. Ze had nog grijze jeans nodig, zei ze. Want het enige wat ze nog niet had voor dit seizoen was een grijze broek. Wij dus naar Oostende. En wat denk je? In heel Oostende geen grijze broek te vinden. Ze heeft toen maar een nieuwe regenjas gekocht. Want die had ze opeens toch ook zó nodig en was juist wat ze in gedachten had gehad’, knipoogde hij naar mijn man.

Gisteren vertrok ik naar de stad. Mijn man vroeg of ik iets bepaalds van plan was. ‘Ach’, zei ik, ‘eens kijken voor een blauw vestje. Dat ene is al zo oud als de straat, ik kan wel eens een nieuw gebruiken.’
Ik ben thuis gekomen met een heel schoon, crèmekleurig tafellaken. Allemaal de schuld van de natuur. Maar wel eentje dat ik niet hoef te strijken. Juist wat ik in gedachten had gehad.

Vrouwen – en mannenzaken

Onze vakantie is voorbij en ik heb uren en uren gewassen en gestreken. Ik ben het beu. Er ziet toch niemand hoe netjes mijn kasten erbij liggen en nooit is de was echt gedaan. Ik wil ook weleens iets doen waar je weken of misschien zelfs maanden deugd van hebt.

‘Dit jaar wil ík het terras doen’, zeg ik. ‘Ik vind dat ik dat verdien. Want wie heeft die hogedrukreiniger op het internet besteld en wie heeft hem hoogst persoonlijk in het postkantoor afgehaald? En wie heeft dat pakket helemaal alleen naar buiten gedragen? Doe maar eens een deur open met zo´n lomp pak in uw handen; sta daar maar eens te houden, niet wetend wat te doen, en dat allemaal voor de ogen van twee postbediendes die geen hand uitsteken om u te helpen! Van pure ellende heb ik het pakket op de grond moeten zetten, de deur open gehouden met mijn ene voet, mijn andere naar dat pak uitgestoken om het dichterbij te halen, en voor de rest kan ik echt niet zeggen hoe ik buiten ben geraakt, ik voelde alleen maar die ogen in mijn rug. En toen moest ik het nog in de auto op de achterbank leggen, want tja, die kofferbak, wat klein, hé.’

‘Ge had hem toch ook thuis kunnen laten leveren’, sputtert mijn man tegen, ‘het is toch niet míjn schuld dat ge er zo´n miserie mee hebt gehad. En met een hogedrukreiniger werken, dat is toch niks voor vrouwen. Bovendien, ík heb hem uit de auto gehaald en in elkaar gestoken. Dit voorjaar test ik hem uit – gij moogt dan volgend jaar.’

Ah zo’, zeg ik gevaarlijk, ‘ik wist niet dat gij een seksist waart.’

‘Ik vertrek hier’, grommelt hij, ‘gij met uw kuren, ik moet nog naar de garage, banden laten wisselen, en naar het containerpark. Of wilt ge dat misschien ook zelf doen?’

Hij is weg en vlug haal ik de Kärcher uit het tuinhuis, sluit alles aan en begin aan het terras. Gestaag werk ik door en ik geniet. Goh, zo proper zijn die tegels in jaren niet geweest. En dat ligt vast niet alleen aan die nieuwe Kärcher, denk ik fier. Dat is mijn vrouwenhand. Ik begin zowaar te dansen. Tot ik twee ogen voel prikken in mijn rug…

Kärcher


 

Dan ben je gezien

Strijken is niet mijn favoriete bezigheid. Van strijken slaan mijn gedachten op hol. En meestal naar de verkeerde kant. Hoe dat komt, weet ik niet goed. Het is waarschijnlijk iets wat van moeder op dochter overgaat, want mijn zussen staan er ook niet om te springen.

In lakens heb ik me nooit druk gemaakt. Die worden gewassen, gedroogd en meteen terug op het bed gelegd. Maar alles wat terug de kast in moet, wordt zorgvuldig gestreken. Ik kan echt heel slecht tegen slordige en onopgeruimde kasten.
De zorg voor handdoeken en zakdoeken heb ik vroeger regelmatig gedelegeerd. Jongens moeten het huishouden ook leren, vind ik. Stoffen zakdoeken gebruikten we trouwens op een bepaald moment bijna niet meer, vanwege onhygiënisch. Maar al die andere dingen… Soms werd ik er wanhopig van en dat voortdurend malen in mijn hoofd maakte het er niet beter op. Er bleef ook steevast iets in de wasmand liggen. Dat ene, laatste stuk was er altijd te veel aan.

Toen de kinderen nog klein waren, streek ik nogal eens op vrijdagavond. Ze mochten dan wat langer opblijven en zaten in de woonkamer aan de televisie gekluisterd terwijl ik stond te strijken en met een half oog meekeek. Heen en weer ging het strijkijzer en heen en weer gingen mijn gedachten. Onze jongste heeft toen eens met een bang gezichtje gevraagd waarom ik zo streng keek. Of ik héél boos was? “Maar nee”, heb ik vlug gezegd, “dat is toch mijn gewone gezicht, voor als ik wat moet nadenken.”

Sinds ik van Emma Crebolder, een Nederlandse dichteres, hoorde dat ze een of andere routineklus gaat opknappen wanneer ze vast zit met het schrijven, strijken bijvoorbeeld, kijk ik er wat positiever tegenaan. En warempel, de gedachten blijven stromen, maar anders. Creatiever. De mand raakt de laatste tijd ook altijd leeg. Wat me wel nog dwarszit, zijn die papieren zakdoekjes. Want als je vergeet ze vóór het wassen uit de broekzakken te halen, dan ben je gezien. Die resten plakken geweldig aan alle andere kleren. Gisteren nog meegemaakt. Ik kreeg acuut heimwee naar stoffen zakdoeken. Als dat geen goed idee is…