Onvoorspelbaar

Of het echt gaat helpen, weet ik niet. Een belasting van 24 Euro is misschien nog niet genoeg. Maar ik krijg weer hoop. Hoop dat de inwoners van deze gemeente toch even zullen nadenken vooraleer ze zich een hond aanschaffen. Ik heb echt geen behoefte aan nog meer van die joekels op de straten en de wandelpaden. Of erger nog, in restaurants. Toen we hier jaren geleden kwamen wonen, waren er hier bij mijn weten twee honden en hoorde je zo af en toe een eenzame blaf. Nu zijn ze niet meer te tellen. Onderhand zijn er meer honden dan kinderen! Het lijkt wel alsof hier een wedstrijd aan de gang is. Eén exemplaar per gezin is niet meer genoeg, nee, je hebt er best twee of meer. Veel leuker voor die lieverds. Dat dier moet ook nog zo groot mogelijk zijn, liefst een herdershond, een Rottweiler of een Dobberman. Soms lopen die loebassen aan de lijn, soms ook niet. En blijkbaar hoort het tot mijn burgerplicht daar niks over te zeggen. Ook niet wanneer wildvreemd gespuis tegen me omhoog springt, me besnuffelt en mijn kleren vol sabbert. Want vragen of de belhamel niet aan de lijn moet, is een aanslag op de vrijheid. Van de hond en van zijn baasje. Veel kans dat de hondenbezitter me de les spelt en me daarna in het lang en breed vertelt hoe braaf zijn hond wel niet is, en kijk toch eens! Hij doet toch niks! Echt niks. Hij heeft nog nooit iets gedaan. Hij wil alleen maar spelen.

Ik mag ook niet vies kijken wanneer iemand met een groot, nat, langharig beest in het restaurant naast me gaat zitten. Of wanneer dat loeder plots opstaat, gevaarlijk met zijn harige lijf schudt, al zijn parasieten door de kamer zwiert en daarna afwachtend gaat liggen kwispelen en kwijlen. Kwestie van respect voor die viervoeter. Ik had bijna medemens geschreven.

Kinderen mag je in restaurants wél scheef bekijken. Ze kunnen niet stil zitten en zijn zo onvoorspelbaar. Maar een hond, ach, een hond, die doet toch niks. Die wil alleen maar spelen.

hondjesDSC_0033

Advertenties

Vrijheid, blijheid

Vroeger was het allemaal geen thema. Ergens in het voorjaar boekten we onze vakantie en in juli ging het dan richting Frankrijk of Italië. Geen discussie, niks, alles was altijd prima geregeld.
Nu ons huishouden tot twee personen is gereduceerd, openen zich opeens heel andere perspectieven. Een georganiseerde reis naar een oosters land! Zomaar vertrekken en in een leuke B&B logeren! Alles kan.
Ik word euforisch bij de gedachte aan het huren van een mobilhome. De vrijheid die je dan hebt! Zomaar vertrekken, gewoon de zon achterna! En je hebt altijd alles bij! Mijn man aarzelt nog wat, maar gaat voor zijn doen toch snel akkoord.
Op weg naar Frankrijk kijk ik genietend om me heen. P. sleurt verbeten aan het stuur, vastbesloten zijn uiterste best te doen. Maar het zit wat tegen. De uitgezochte kampeerplaats in Metz is volzet. Gelukkig is er nog een plekje vrij op de gewone parking. Geen water, geen elektriciteit, maar kom, voor één nachtje is dat geen probleem. De tweede avond, in Charmes, parkeert hij het gevaarte keurig tussen twee andere wagens. Heel idyllische plek, met zicht op de rivier. Alleen jammer dat het stroom- en waterpaaltje het niet doet en dat er ´s morgens hondenpoep voor onze deur ligt. En dat hij daar in trapt.
P. stelt voor een paar dagen op een echte camping te gaan staan. “Daar heb je iets meer ruimte en fatsoenlijke sanitaire voorzieningen; ik vind het hier toch maar een krappe bedoening, hoor. En als we wegrijden, kunnen we met een gerust hart alles buiten laten staan. Dan hoef ik ook niet meer te denken van: slingert hier nog iets rond en zijn alle raampjes dicht?”
Als we terugkomen van het boodschappen doen, staat er een ander op ons zorgvuldig uitgekozen plekje en hebben de buren rechts onze tuinmeubeltjes ingepalmd. Als we dan ook nog eens bedenken hoe we straks dat laddertje weer op moeten om in die alkoof te gaan slapen, zakt de moed ons in de schoenen. En dat chemisch toilet, het stinkt dan wel niet, maar het idee dat je altijd alles bij je hebt…

Onbetaalbare stilte

Zie mij hier nu liggen. De hele zaal ruikt naar opgedroogd zweet en niet-gelucht-zijn. Naar bokken en paarden en Zweedse banken. Niet bepaald een oord van ontspanning. En daar lig ik dan: op een vieze, blauwe mat in Aken, op zoek naar mezelf. Nog een geluk dat ik mijn eigen badhanddoek heb meegebracht.

Na drie kwartier power-yoga maken we ons klaar voor een fantasiereis. We drukken onze rug plat tegen de mat, sluiten gewillig onze ogen en laten onze voeten lichtjes uit elkaar vallen. Onze handen rusten discreet op de buik, want de buik is de bron van alle energie. In de verte klinkt muziek van klankschalen en met een kunstmatig lome stem verlangt de yogaleraar dat we onze ledematen één voor één ontspannen. Zo jong nog, moet die deze hoop vrouwen hun innerlijke rust teruggeven? Als dat maar lukt. Beetje buitenlands type, donkere huid en donkere ogen. Een getraind lichaam in een nauwaansluitende, witte joggingbroek. Niet onaantrekkelijk, alhoewel, die heupen zijn misschien íetsje te breed naar mijn smaak.
Van onder naar boven, of was het nu van buiten naar binnen? Ik kan niet meer volgen, zijn we al bij de schouders of nog bij de benen? Wordt dit een groepsgebeuren en moet ik in het Duits meereizen of is het individueel en mag het in het Nederlands? Ik piep eens naar links en naar rechts. Niemand beweegt. Ik knijp mijn ogen weer dicht en besluit in mijn moedertaal te gaan relaxen. Water vind ik goed passen bij het Nederlands, bergen verbind ik meer met het Duits. De Atlantische oceaan dan maar.
Elegant spring ik over en door de golven en krachtig crawl ik in mijn mooiste badpak door het blauwgroene water. Niets heerlijker dan dit. Boven me zie ik een eindeloze, stralend blauwe hemel. Gedragen door het zoute water zwem ik even rustig schoolslag, ik kijk wat om me heen en geniet van de vrijheid. Niemand anders in de buurt en vooral: geen geluid. Onbetaalbaar, zo´n stilte.

Een luide snurk laat me opschrikken uit mijn mooie droom. Ik wil naar huis. Groepsreizen liggen me uiteindelijk toch niet zo.