Goed gek

Op donderdagavond gaan we altijd zwemmen. We, dat zijn mijn buurvrouw en ik, samen met nog twee andere vrouwen. Dat altijd moet je overigens met een korrel zout nemen. Want als ik wat laat thuis ben van het werk, een beetje verkouden ben of schrijfclub heb, enfin, er zijn veel excuses mogelijk, dan ga ik lekker niet. Ik zwem heel graag, maar alles daaromheen is soms wat te veel. Vooral in de winter. In het donker thuiskomen en meteen weer vertrekken om te gaan zwemmen, wie doet dat nu, denk ik vaak. Zwemspullen bijeen zoeken, naar het zwembad rijden, omkleden, douchen, na het zwemmen weer douchen, afdrogen, die kleren over je klamme huid trekken, puffend dat hokje uitkomen en haren föhnen, weer naar huis rijden en daarna nog moeten eten, daar moet je toch goed gek voor zijn. Bovendien eet ik dan altijd te veel.

Waar het aan lag, durf ik dus niet met zekerheid te zeggen. Was het mijn normale verstrooidheid, echte vergeetachtigheid of had ik het onbewust zo bedoeld? Vorige week donderdagavond zocht ik, al half uitgekleed, in het kleedhokje naar mijn badpak. Het is donkerblauw en ik heb een zwarte zwemtas, dus dacht ik eerst, ach, je ziet niet goed. Pak die tas eens helemaal uit, het móet erin zitten, je hebt die tas bewust heel aandachtig ingepakt. (Dat is één van mijn voornemens voor dit jaar, alles met aandacht doen.) Ik draaide de tas om zodat de hele inhoud op het bankje lag uitgespreid, maar niks. Geen badpak. Mijn buurvrouw, die in het hokje naast me stond, hoorde me zuchten en riep opvallend vrolijk: Toch weer uw handdoek niet vergeten, zeker? Ge moogt die van mij lenen, dat weet ge toch. Nee, antwoordde ik stilletjes, weer geen badpak bij. Even later slaakte onze andere zwemvriendin een kreet. Ook haar badpak thuis vergeten. Voor haar was het de eerste keer, dus dat vond niemand erg. Maar over mij maakten ze zich zorgen en ze hebben afgesproken me te helpen. Voortaan sturen ze me iedere donderdag een mail. Met een lijstje van de spullen die ik mee moet nemen.

Advertenties

Zonder zorgen

Het klinkt steeds gevaarlijker, wat we daar gaan doen. Zorgelijk kijk ik naar mijn vriendin. Ik geloof best dat die man van de verhuur ons niet bang wil maken, maar toch. Gelukkig hebben we besloten dat we niet zelf zullen rijden. We gaan bij onze mannen achterop.

Hij vraagt ons hoe we dat gaan doen met die waarborg. Subtiel wijst hij erop dat je, wanneer je iets met een Vespa aan de hand hebt, nooit gaat toekomen met de gevraagde waarborg van driehonderd euro. Er kan van alles mis gaan en hij vindt het zijn morele plicht om daar seffens, wanneer hij de instructies geeft, nog eens op terug te komen.

Omstandig legt hij uit hoe we de motor moeten starten. Als we maar goed denken aan die driehoek contact, rem en starter, kan dat volgens hem niet mislukken. Tijdens het rijden moeten we er vooral voor zorgen niet te vallen. Want dan is meteen de hele zijkant van dat gerij kapot. Met een tragisch gebaar geeft hij aan hoe ontzettend kapot een Vespa kan zijn. Van de staander tot aan de spiegel, en alles daar tussenin. Vijfhonderd tot achthonderd euro, minstens. Altijd. Of je nu gewoon valt of in de gracht sukkelt. Wanneer we ergens moeten stoppen om over te steken, is het goed opletten geblazen met die rem en die gas. Het komt weinig voor dat er iemand echt over kop gaat, maar hij mag het niet verzwijgen. En, oh ja, botsen. Ook al eens gebeurd. Toen vloog die Vespa helemaal dubbel geplooid door de lucht, wel 15 meter ver, en die vrouw zat er nog op. Maar hij heeft er alle vertrouwen in. Kijk, daar staat zijn camionette, klaar om ons te komen depanneren.

Opnieuw vraagt hij hoe het nu zit met die waarborg en of we wel alles gelezen hebben. Ook dat met die 10 of 25 euro? Die 10 euro is voor een verzekering waarbij we altijd nog 100 euro zelf moeten betalen wanneer er iets gebeurt, 25 euro is voor de formule Rijden zonder zorgen. Geen kosten, gelijk hoe of wat. De beslissing is snel genomen…

Vespa

Vespa